Stel je voor: het is maandagochtend en niemand kan inloggen. Ransomware heeft je server versleuteld en alle bestanden zijn onbereikbaar. Elke dag stilstand kost je omzet. Uit onderzoek van Sophos blijkt dat ruim de helft van de getroffen bedrijven binnen een week weer draait, maar één op de zes heeft er meer dan een maand voor nodig. Veel ondernemers denken dat een dagelijkse back-up genoeg is. Maar een back-up hebben en weer kunnen werken zijn twee verschillende dingen. Je herstelplan bepaalt of je een dag stilligt of een maand.

Disaster recovery is het geheel van procedures en voorzieningen om de volledige IT-omgeving te herstellen na een ernstige verstoring. Het gaat niet alleen om losse bestanden, maar om het herstel van systemen, netwerken en data tegelijk.
Zo'n verstoring is geen uitzondering. In Engeland kreeg 65% van de middelgrote bedrijven het afgelopen jaar te maken met een cyberaanval of inbraak, blijkt uit overheidsonderzoek. Lang niet elke aanval legt een bedrijf plat, maar het laat zien hoe vaak het risico langskomt. En het hoeft niet altijd een hacker te zijn. Volgens het Uptime Institute is stroomuitval nog steeds de belangrijkste oorzaak van grote storingen.
Dit gaat verder dan het terugzetten van documenten. Stel dat de server uitvalt. Je zet de data terug, maar de software, de instellingen en de gebruikersaccounts ontbreken. Dan ligt je organisatie nog steeds stil. De server hoort daarom centraal te staan in je herstelaanpak. Met goed serverbeheer is vastgelegd hoe je server is ingericht, zodat je hem na een storing snel en volledig opnieuw kunt opbouwen. Dat is een vast onderdeel van IT beheer.
Hoe dat herstel verloopt, leg je vast in een disaster recovery plan (DRP), in Nederland ook wel uitwijk- en herstelplan of calamiteitenplan genoemd. In dat document staat wat er gebeurt bij een incident, wie welke actie uitvoert en in welke volgorde de systemen worden hersteld.
Neem een bouwbedrijf met 78 medewerkers. Op dinsdagmiddag slaat ransomware toe. De laatste back-up is van maandagavond, dus al het werk van dinsdag is weg. Denk aan een calculatie voor een aanbesteding die vrijdag de deur uit moet, en de nieuwste tekeningen van de constructeur. Op de bouwplaats weten uitvoerders niet meer met welke versie ze werken.
Zonder plan duurt het herstel al snel een paar dagen, met kans op vertraging en boetes. Met een disaster recovery plan ligt vooraf vast dat de planning en tekeningen binnen vier uur terug moeten zijn en dat je maximaal een uur werk kwijtraakt. Dan staat de kern van het bedrijf dezelfde dag weer overeind.
| RTO | Hersteltijd | RPO | Dataverlies |
|
4 uur
De maximale tijd waarbinnen je systemen weer moeten werken na een storing.
|
1 uur
De maximale hoeveelheid werk of data die je bij een storing kunt verliezen.
|
Dit zijn voorbeeldwaarden. De juiste RTO en RPO verschillen per organisatie en systeem.
Het verschil zit in wat er gebeurt tijdens een calamiteit. Een back-up haalt verloren bestanden terug. Disaster recovery herstelt de volledige IT-omgeving inclusief servers, netwerk en toegang, zodat medewerkers binnen een afgesproken termijn weer aan de slag kunnen. Een online back-up is daarbij de basis, maar niet het eindpunt.
| Kenmerk | Back-up | Disaster recovery |
|---|---|---|
| Wat herstel je? | Bestanden en data | Volledige IT-omgeving |
| Wanneer zet je het in? | Bij bestandsverlies | Bij volledige uitval |
| Hoe lang duurt herstel? | Uren tot dagen, afhankelijk van datavolume | Vooraf vastgelegd per systeem in de RTO |
| Wat heb je nodig? | Back-upsoftware | Plan, systemen, rollen en een test |
Bij ransomware is een standaard back-up vaak niet genoeg. Aanvallers weten dat de back-up je redding is. Bij 94% van de aanvallen proberen ze die daarom ook te raken, blijkt uit onderzoek van Sophos. Lukt dat, dan worden de herstelkosten gemiddeld acht keer zo hoog. Werk daarom met kopieën die niet aangepast of verwijderd kunnen worden en met een kopie buiten de eigen omgeving.
In deze blog lees je waar dat verschil zit:
Disaster recovery is geen aan-of-uitknop. Er zijn grofweg drie niveaus:
Hoe korter de hersteltijd, hoe hoger de kosten. Welk niveau past, hangt af van hoelang je bedrijf stil kan liggen.
Dat is meteen de vraag die je jezelf moet stellen. Zo'n afweging valt onder het bedrijfscontinuïteitsplan, waarvan het DRP het IT-deel vormt. Ook werkplekbeheer speelt hierin een rol, want de werkplek moet net zo goed weer draaien.
De Recovery Time Objective is de periode waarbinnen een bedrijfsproces na een incident weer moet draaien. Een webshop lijdt na 4 uur stilstand al schade, terwijl een administratiekantoor pas na 24 uur echt in de problemen komt. Liggen systemen te lang plat, dan komen orders niet binnen, haken klanten af en kunnen medewerkers niet werken.
De Recovery Point Objective bepaalt hoeveel data je kunt verliezen bij een storing. Bij een RPO van 24 uur accepteer je dat een hele werkdag aan transacties of klantgegevens weg is. Een productiebedrijf dat elke avond om 23:00 een back-up maakt en om 15:00 uitvalt, is 16 uur werk kwijt. Het serverbeheer bepaalt hoe vaak data gerepliceerd wordt en dus hoe hoog die RPO uitvalt.
Wie zijn RTO en RPO niet kent, kan geen herstelplan opstellen dat klopt met wat het bedrijf nodig heeft. Deze twee getallen vormen de basis onder elke keuze in het plan dat hieronder aan bod komt.

Een uitwijk- en herstelplan, ook wel calamiteitenplan genoemd, is meer dan een lijst met contactnummers. Het beschrijft welke systemen kritiek zijn, wie beslist, wie handelt en wat de stappen zijn van het eerste alarm tot een werkend systeem.
Een plan op papier werkt alleen als het getest is. Zonder controle blijft een calamiteitenplan een theoretisch document. In het volgende blok lees je waarom testen het verschil maakt.
Een disaster recovery plan dat nooit getest is, geeft schijnzekerheid. Pas bij een echte calamiteit ontdek je dat stappen ontbreken of verouderd zijn.
Er zijn twee testvormen. Bij een papieren doorloop bespreekt het team het scenario aan tafel. Bij een live test schakel je daadwerkelijk over naar de reserveomgeving. Testen hoort bij de bredere IT-beveiliging van je organisatie.
Herhaal die tests regelmatig. De IT-omgeving verandert door nieuwe systemen, mensen en processen, waardoor een plan dat vorig jaar werkte dit jaar gaten kan bevatten.

Connectium levert de bouwstenen die onder een herstelaanpak liggen: online back-up, serverbeheer en monitoring. Omdat je zonder verbinding niets kunt herstellen, adviseren we vaak 4G/5G back-up internet, zodat je bij uitval van de vaste lijn online blijft.
We brengen samen in kaart welke systemen kritiek zijn en hoelang die eruit mogen liggen. Op basis daarvan bepalen we welke stappen nodig zijn. Neem contact met ons op voor een vrijblijvend adviesgesprek.
Ja. Een cloudleverancier garandeert de beschikbaarheid van het platform, maar niet het herstel van jouw data na een menselijke fout of een ransomware-infectie. De verantwoordelijkheid voor je eigen bedrijfsgegevens blijft bij je organisatie liggen. Lees ook waarom een Microsoft 365 back-up nodig is.
Een back-up kopieert bestanden, disaster recovery herstelt de hele IT-omgeving. Met een back-up zet je een bestand of map terug. Met disaster recovery breng je systemen, netwerk en instellingen weer in de lucht na een groot incident.
RTO is de hersteltijd die je maximaal accepteert, RPO het dataverlies in uren dat je kunt hebben. Beide waarden verschillen per bedrijfsproces. Een inventarisatie met een IT-partner is de eerste stap om ze vast te leggen.
Ja. Juist kleinere bedrijven hebben zelden een IT-afdeling die kan improviseren bij uitval. Het plan hoeft niet uitgebreid te zijn, zolang de kritieke systemen, de hersteltermijn en de rolverdeling vastliggen.
Minimaal één keer per jaar, en na elke grote wijziging in je IT-omgeving. Zonder test weet je niet of het plan in de praktijk werkt. Een test legt fouten bloot die anders pas tijdens een echte storing zichtbaar worden.